Koppelingen:
Vorig artikel: GROSSEERDER Volgend artikel: GROSSERIJ
GTB Woordenboeken: MNW, MNW

GROSSEEREN

Woordsoort: ww.(trans.,intr.,zw.)

Modern lemma: grosseren

bedr. en onz. zw. ww.: grosseerde, gegrosseerd. Een woord van zeer uiteenloopende beteekenissen, maar dat trouwens ook, in elk zijner beteekenissen, van een ander woord, een anderen vorm of eene andere uitdrukking is afgeleid. KIL. 847 a [1777] geeft de onderscheidene beteekenissen van Grosséren weder door Grandire, ampliare, augere. Etiam Extendere et explicare scripta compendiario, alsmede door Tabulas conficere, inferre in tabulas.
+A.  Bedr. en onz. ww. Fijn goud tot gouden werken van minder gehalte verwerken; uit fijn goud zoogenaamde grosserijen (zie ald. de bet. A), t.w. grove gouden werken vervaardigen; goud grosseeren, of absoluut gebezigd grosseeren: het goud zoodanig allieeren, dat het voor het vervaardigen van grosserijen geschikt wordt.
Ende sullen geene Persoonen vermogen hare Lingotten (baren) elders te grosseren of laten grosseren, als binnen deser Stede,   Handv. v. Amst. 1093 a [1656].
Gaen visiteren alle de Huysen der Meesters, die nu oft namaels selfs Grosseren ofte mochten komen te Grosseren, om de gene, die bevonden mochten worden eenige Lingotten sonder het voorsz. Assay ende merk gegrosseert te hebben, in de … verbeurte te beslaen,   1093 b.
Dat … sullen worden gecommitteert ende geauthoriseert … Reynier Henricksz. en Laurens Martens, Grosseerders in compagnie hier ter Stede, dewelcke alleenlijck en met seclusie van alle anderen, den Meesters in 't grosseren sullen ten dienste staen, mits dat enz.,   1094 a.
B.  Onz. ww. In het groot verkoopen; in het groot handel in iets drijven. In deze beteekenis is grosseeren dus eene afleiding van, of staat het althans in verband met GROS, 1ste art., in de bet. III, 1). Verg. mnl. grosseren, grossieren (bij VERDAM, 2de art.).
Dat UEdele Achtbaere aen (enz.) … souden kunnen interdiceeren het grosseeren van vreemdt sout,   bij V. D. MONDE, Beschr. v. Utr. 3, 113.
C.  Van Grosse, afschrift van eene akte, een vonnis en derg. Fr. grosser en daarnevens grossoier; mnl. grosseren (VERDAM 1ste art.). Als bedr. ww. (met het stuk dat men grosseert als voorwerp): een stuk (akte, vonnis enz.) overschrijven, inzonderheid: in dien vorm overbrengen, waarin eene akte mag worden uitgegeven, een vonnis mag worden ten uitvoer gelegd. Als onz. ww.: eene grosse (al of niet in de streng technische beteekenis van GROSSE, 2, a of b) van eene akte of een vonnis maken. Verg. voorts mlat. grossare: in mundum redigere [seu luculentius nitidiusque scribere] bij DU CANGE en de aanhaling hierboven uit KIL. [1777]
Grosséren, uytschryven, in 't net schrijven, in 't net uyt schrijven,   KOERBAGH, Bloemhof, 334.
Deze is om aen U E. te richten de minujte mijner Rekeninge, ten einde U E. gelieve dezelve te doen grosseren ende doubleren, ende bejde ter camere van de Rekeninge over te leveren,   HOOFT, Br. 2, 339 [1633].
De schriftuiren … moeten in de Griffie worden gegrosseert binnen acht dagen nae dat die aldaer geleevert sullen zijn,   HUBER, Heed. Rechtsgel. 769.
Het woordt grosseeren wordt gestelt tegen het woordt minuteeren,   769.
Een verding grosseeren. Grossoyer un contract,   MARIN.
D.  Bij MARIN ook nog ”breed afmeeten, roemen, opsnyden”.
Hy grosseerd zoo geweldig dat enz.   Il exagère si fort que …, a. w.
E.  Bij HEXHAM: Grossen, Grosséren, opkoopen, To Engross or Buy up, or to fore-stall the market.
© 2007 INL. Artikel gepubliceerd in 1895.